Haven 9 december 2021

Energiecongestie: acuut probleem dat vraagt om oplossingen

Liander kondigde vandaag aan dat er een nieuw knelpunt is ontstaan op het elektriciteitsnet in de regio Amsterdam. Dit keer is in het westelijk deel van de stad, waaronder de Amsterdamse Haven en in de regio Zaanstreek Waterland, de maximale capaciteit bereikt voor het leveren van elektriciteit.
Drie vragen hierover aan ORAM-directeur Kees Noorman.

Hoe kijkt ORAM aan tegen deze situatie?

“Laten we er niet om heen draaien: dit is buitengewoon slecht nieuws. De eerdere aankondigingen dat delen van de stad met leveringsproblemen van elektriciteit kampen voorspelden al niet veel goeds, maar de situatie blijkt nog een stuk zorgelijker te zijn. Dit komt voor een groot deel door de groei van de stad, waardoor de vraag naar elektriciteit explosief groeit. En het einde van die groei is nog niet in zicht. Het volgelopen elektriciteitsnet zet de ontwikkeling van de stad op slot. En dat kunnen we juist nu niet hebben. Onze lidbedrijven in haven en industrie hebben grote ambities voor uitbreiding, innovatie, circulariteit of energietransitie, echter zonder elektriciteit kom je niet verder. Dit is natuurlijk niet goed voor het vestigingsklimaat.”

Wat nu te doen?

“We kunnen vingertje wijzen over de oorzaken van dit probleem, maar we zijn nu in de fase dat we vooral moeten kijken naar oplossingen. En uiteraard, de netcapaciteit zal snel moeten worden uitgebreid. Daarin moet worden geïnvesteerd. Er moeten versneld meer en verzwaarde verdeelstations voor elektriciteit in onze regio worden gebouwd. Maar dat zal op de korte termijn niet voor verlichting zorgen, aangezien het nog tot 2027 duurt voordat deze uitbreiding gereed is. ”

Welke oplossingen zie je nog meer voor je?

“Het energiesysteem zal moeten veranderen. Bedrijven kijken al naar mogelijkheden om het net minder te belasten, zoals het delen van energie en het gebruiken van andermans capaciteit zoals restwarmte. We zullen echter verder moeten kijken hoe hiermee om te gaan en waar mogelijkheden liggen om elkaar wat energieruimte te geven. Uiteindelijk is dat in ieders belang. Voorts denken wij dat er strategischer moet worden gekeken naar energieverbruik: niet alleen op basis van ‘wie het eerst komt die het eerst maalt’, maar op basis van een gedegen afweging en prioritering door een landelijke energieautoriteit. Hoe dan ook: energiecongestie vormt een grote bedreiging voor Amsterdam en Nederland en vraagt om doortastend gezamenlijk optreden, van het Rijk en het nieuwe kabinet, van de gemeente, van de netbeheerder en van bedrijven.”